Veel gestelde vragen en golftermen

Ik wil een golfles inboeken. Hoe doe ik dat?

Stuur een mail naar richard@rbgolf.nl en vraag om een uitnodiging van de Pro-Agenda. Na ontvangst van mijn link kan je je eigen account aanmaken en lessen boeken.

Privélessen

Wil je maximale aandacht en snel resultaat? In de privélessen staat jouw spel centraal. We werken gericht aan techniek, korte spel, course management en mentale focus

Duo Lessen

Samen trainen met een vriend(in) of partner? Duo lessen combineren persoonlijke aandacht met samen leren. Ideaal om elkaar te motiveren en samen beter te worden.

Groepslessen

In de groepslessen train je samen met andere golfers van vergelijkbaar niveau. Dit zorgt voor een dynamische leeromgeving met aandacht voor techniek, spelinzicht en plezier.

Hoe kan ik me aanmelden voor de lessen?

Je kunt je aanmelden voor de lessen via onze website of door contact met ons op te nemen richard@rbgolf.nl. Je krijgt dan een een uitnodiging voor de Pro-Agenda waarna jij je lessen in kan boeken.

Wat houdt de HCP 54 cursus in?

Wil je beginnen met golf en je HCP 54 behalen? Dan zorgen we samen voor een sterke start. Je leert de basis van techniek, spelregels en baaninzicht, zodat je met vertrouwen de baan op kunt. Dit gaat altijd in groepsverband. Minimaal 6 en maximaal 10 deelnemers.

Ik wil vast mijn theorie leren waar kan ik dat doen?

Via onderstaande link kan je de theorievragen vast oefenen.

https://www.golf.nl/golfsport/regels/golfregels-oefenen-golfregelexamen 

Wat houdt de cursus van HCP naar HCP 36 in?

Heb je je HCP 54 behaald en wil je doorgroeien? In dit traject werken we aan consistentie, balcontrole en slimmer spelen. Je leert beter omgaan met verschillende situaties op de baan en krijgt meer rust in je spel.

50 veel gebruikte golftermen en uitleg:

  • Afslagplaats (Tee): De plek waar de eerste slag van een hole wordt gespeeld.
  • Fairway: Het goed onderhouden deel van de golfbaan tussen de afslagplaats en de green.
  • Green: Het kort gemaaide grasgebied rondom de hole waarop de vlag zich bevindt.
  • Hole: Het doel van elke golfbaan, gemarkeerd door een vlag in een hole op de green.
  • Par: Het aantal slagen dat een ervaren golfer nodig zou moeten hebben om de hole te voltooien.
  • Birdie: Het behalen van een score die één slag onder par is op een hole.
  • Bogey: Het behalen van een score die één slag boven par is op een hole.
  • Handicap: Een numerieke maatstaf voor de relatieve vaardigheid van een golfer.
  • Putt: Een slag op de green met als doel de bal in de hole te krijgen.
  • Chip: Een korte, lage slag, meestal rond de green, om de bal dichter bij de hole te plaatsen.
  • Bunker: Een zandtrap op de golfbaan.
  • Rough: Het hogere, ongemaaid gras langs de fairway en rond de green.
  • Slice: Een slag waarbij de bal een sterke bocht naar rechts maakt voor rechtshandige golfers (naar links voor linkshandige golfers).
  • Hook: Een slag waarbij de bal een sterke bocht naar links maakt voor rechtshandige golfers (naar rechts voor linkshandige golfers).
  • Divot: Het stuk gras dat wordt uitgesneden bij een slag.
  • Caddie: Een persoon die de golfer helpt door zijn tas te dragen en advies te geven.
  • Approach shot: Een slag die naar de green wordt gespeeld vanaf de fairway.
  • Sand wedge: Een specifieke golfclub ontworpen voor het spelen van slagen uit de bunker.
  • Putter: Een golfclub die voornamelijk wordt gebruikt op de green voor putts.
  • Irons: Een set golfclubs met metalen koppen, genummerd van 1 tot 9, ontworpen voor verschillende afstanden.
  • Woods: Een set golfclubs met grote koppen, zoals de driver en de fairway woods.
  • Driver: De golfclub met de grootste kop, gebruikt voor de langste slagen vanaf de tee.
  • Hybrid: Een golfclub die ontworpen is als een combinatie van een iron en een wood.
  • Albatross: Het behalen van een score die drie slagen onder par is op een hole.
  • Condor: Het behalen van een score die vier slagen onder par is op een hole.
  • Mulligan: Een informele term voor het opnieuw slaan van een slechte slag zonder straf.
  • Stance: De positie van de voeten en het lichaam bij het voorbereiden op een slag.
  • Grip: De manier waarop de golfer de club vasthoudt.
  • Shaft: Het lange gedeelte van de golfclub tussen de grip en de clubhead.
  • Loft: De hoek van de clubface die invloed heeft op de hoogte van de balvlucht.
  • Lie: De hoek tussen de zool van de club en een verticale lijn.
  • Fade: Een slag waarbij de bal een kleine bocht naar rechts maakt voor rechtshandige golfers (naar links voor linkshandige golfers).
  • Draw: Een slag waarbij de bal een kleine bocht naar links maakt voor rechtshandige golfers (naar rechts voor linkshandige golfers).
  • Hazards: Algemene term voor bunkers en waterpartijen op de golfbaan.
  • Water hazard: Een gebied op de golfbaan dat bedekt is met water, gemarkeerd door gele paaltjes of lijnen.
  • Out of bounds (OB): Een gebied buiten de grenzen van de golfbaan, waar de bal niet mag liggen.
  • Drop: De handeling van het opnieuw plaatsen van de bal na een onspeelbare situatie, zoals een waterhindernis.
  • Provisional ball: Een extra bal gespeeld in het geval de oorspronkelijke bal niet kan worden gevonden.
  • Fourball: Een golfspelformat waarbij twee teams van twee spelers elk tegen elkaar spelen.
  • Match play: Een spelformat waarbij de score wordt bijgehouden per hole in plaats van totale slagen.
  • Stroke play: Een spelformat waarbij de totale slagen over de gehele ronde worden geteld.
  • Stableford: Een puntensysteem waarbij spelers punten verdienen op basis van hun score in vergelijking met de par.
  • Greens in Regulation (GIR): Het aantal keren dat een speler de green bereikt heeft in het vereiste aantal slagen voor par.
  • Up and down: Het voltooien van een hole met één putt nadat de bal naast de green is beland.
  • Dogleg: Een hole waarbij de fairway een bocht maakt.
  • Ace: Het slaan van de bal in de hole met slechts één slag, ook bekend als een hole-in-one.
  • Caddyshack: Een informele term voor een golfershut of clubhuis.
  • Links course: Een golfbaan gebouwd op natuurlijk terrein nabij de kust.
  • Parkland course: Een golfbaan gelegen in een parkachtige omgeving met bomen en gras.
  • Clubhead speed: De snelheid waarmee de clubhead beweegt tijdens de swing, een belangrijke factor voor de afstand van de slag.